Een Verademing

Op 31 december 1984 wordt Freek de Jonges tweede oudejaarsconference, Een Verademing, uitgezonden. Vergeleken met zijn reguliere theatervoorstellingen is ook dit programma, net als zijn eerste oudejaarsconference De Openbaring (1982), luchtiger van toon. Het is op de eerste plaats voor de televisiekijker thuis gemaakt.
De Jonge speelt in Een Verademing meneer Hoeksteen. Deze is om belastingtechnische redenen precies dertien jaar getrouwd met Janny van de Samenleving. Samen met hun twee kinderen vormen ze het gezin Hoeksteen - Van de Samenleving.
Meneer Hoeksteen zit in een grote doos op het podium. Hij heeft een tijdbom bij zich, want hoewel het een mager jaar was, zal het vuurwerk grootser zijn dan ooit. Dat heeft hij beloofd. Hoeksteens enige houvast is de afstandbediening.
Boven de doos hangt een groot televisietoestel. Meneer Hoeksteen schakelt van kanaal naar kanaal. Soms zien we beelden op het grote toestel, andere keren speelt De Jonge wat er te zien is. Dit geeft hem de gelegenheid om in een snel tempo allerlei onderwerpen op verschillende wijzen te behandelen. Na iedere uitwieding komt hij vanzelf weer terug bij meneer Hoeksteen.
We zien De Jonge onder andere een dansje uitvoeren op de tonen van Prokofievs Romeo & Julia, hij verschijnt als Zuignapje, een nieuwe attractie van de Efteling, hij speelt in een videoclip, hij is een klein kind dat vertelt over de laatste adem van zijn oma, hij is een triatleet die vergeten is welke discipline na het fietsen komt, hij vertelt over zijn sterilisatie, hij speelt een tuinmannetje dat zijn plantsoennetje ziet verdwijnen, hij leidt een manifestatie tegen de bewapening en hij houdt een oudejaarsconference oude stijl.
Deze conference gaat over de politiek. Er worden veel namen genoemd en om de drie regels volgt er een grap. Tevens blijkt dat De Jonges engagement en strijdlust nog niet verdwenen zijn: 'De opbrengst van dit programma gaat in zijn geheel naar de Derde Wereld. Mijn vrouw en ik gaan naar Kenia op vakantie.'
Meneer Hoeksteen verlangt naar stilte, naar een moment om weer op adem te komen. Hij herinnert zich de dodenherdenking bij hem thuis. Net als hij zijn gezin stil heeft, beginnen de kerkklokken te luiden: 'O jee, de Katholieken kunnen zich weer niet beheersen. Ieder jaar beginnen ze tien seconden eerder hun oorlogsverleden weg te beieren. Jongens wacht even, ik ben zo terug, ik ga even een geestelijke gehandicapt maken.' Later zal ook nog zijn vrouw, die verder het hele jaar chagrijnig is, de slappe lach krijgen en de hond, die in de regel inbrekers kwispelstaartend ontvangt, begint natuurlijk ook net op dit moment te blaffen.
Het verlangen naar de stilte wordt steeds groter. Tijdens de manifestatie tegen de bewapening vraagt De Jonge om beheersing. Als hij de zekerheid had dat de grootmachten zich konden beheersen, dat ze de kruisraketten toch niet zouden lanceren, dan mochten ze ook wel bij hem in de tuin staan. Maar hij is daar niet zo zeker van. Hij vraagt het Nederlandse volk, dat voor 25 miljoen gulden aan vuurwerk heeft gekocht, de oppervlakte van hun tuin of balkon te delen op de oppervlakte van de Verenigde Staten of Rusland. De uitkomst hiervan dient men te vermenigvuldigen met de hoeveelheid explosieven dat men in huis heeft. Dan kom je verhoudingsgewijs op zo'n drie à vier atoombommen. De Jonge vraagt of de mensen zich kunnen beheersen door het vuurwerk niet af te steken. Samen voor de vrede: 'Ieder knalletje en ieder pangetje dat we straks horen vanuit een achteraf steegje of een verlaten portiek geeft aan dat er mensen zijn die zich niet kunnen beheersen en bevestigen daarmee dat onbeheersbaarheid menselijk is. Dat daarmee die atoomwapens zo snel mogelijk uit de wereld moeten, te beginnen uit Nederland.'
Meneer Hoeksteen is gepakt door dit verhaal. Hij trekt op goed geluk twee draadjes van de tijdbom uit elkaar. Het tikken stopt. De rest van het gezin schrikt van de ontstane stilte. Ze stormen de kamer binnen: 'Gelukkig zegt mevrouw Hoeksteen er is niets gebeurd. Niets gebeurd, zegt meneer Hoeksteen, er is ontzettend veel gebeurd. Luister dan! Ik hoor niets, zegt mevrouw. Dat is het hem juist! Die stilte, die stilte. Het lijkt wel vrede.'
In de zaal klinkt dan het slotkoor van de Mattheus Passion. De doos valt om en De Jonge komt eruit met in zijn hand een staafje sterretjes. Hij blijft daar zitten tot het twaalf uur is. Het nieuwe jaar is begonnen.

(door Pascal Klaassen)