|
Pappa-razzia
In 1997 behaalde Freek de Jonge de nummer één positie
in de Nederlandse hitlijsten met het nummer 'Leven na de dood.'
Tijdens zijn oudejaarsconference van datzelfde jaar, Papa-razzia,
komt hij op dit gegeven terug. De vraag waar het idee van 'Leven
na de dood' vandaan komt, vormt als het ware de rode draad van de
voorstelling. Tenminste wat betreft het gesproken woord. Voor het
visuele gedeelte bedacht De Jonge een ander bindend element, namelijk
het klaarmaken van papa-razzia, wat Italiaans voor 'vadersjachtschotel'
schijnt te zijn.
Aan het begin van de voorstelling staat De Jonge voor een groot
verrijdbaar calamiteitenscherm. Hij vertelt dat hij zojuist een
ernstig ongeluk heeft gehad en nu in het ziekenhuis ligt. De heren
van (de) Story zijn bij hem op bezoek om hun excuses aan te bieden.
Langzaam begint het geheugen van De Jonge weer te werken:
Een wilde achtervolging, de Coentunnel, een flitslicht (ik dacht
nog ik rijd te hard), een sirene, een ziekenwagen en een idioot
die floot 'Er is leven, er is leven na de dood'.
Voor wie het niet meer weet: in 1997 verongelukte Lady Diana, opgejaagd
door roddeljournalisten (paparazzi), in een tunnel te Parijs. Het
is overduidelijk dat De Jonge hier (en in de titel van de voorstelling)
naar dit ongeluk verwijst, zoals hij dat verder in de voorstelling
nog enige malen zal doen.
De roddeljournalisten die bij De Jonge op bezoek zijn, willen weten
waar het idee van 'Leven na de dood' vandaan komt. Een vraag die
De Jonge daarna ook nog eens aan zichzelf stelt, in een 'wonderlijk
dialoogje' (waarin hij zowel vrager als ondervraagde is). De reden
hiervoor is dat hij de voorstelling oorspronkelijk samen met Joop
Braakhekke zou presenteren. (Na deze mededeling rijdt De Jonge het
grote scherm weg. Op het toneel zien we een keuken staan, met alles
erop en eraan.) Joop kon echter niet komen, omdat Marco Bakker het
wildseizoen in zijn restaurant, Le Garage, op een dusdanige wijze
heeft geopend, dat hij met auto en al achter in de spoelkeuken terecht
is gekomen. Opnieuw voor diegenen die het niet meer weten: in 1997
reed Marco Bakker, onder invloed van de nodige drank, in de parkeergarage
van de Arena een vrouw aan. Een ongeluk met een dodelijke afloop.
Nu de keuken zichtbaar is, begint De Jonge met het klaarmaken van
papa-razzia. Tijdens het koken maakt hij de nodige visuele grappen.
Zo komt er afwisselend bier en water uit de kraan, bewerkt hij onder
begeleiding van toreador-muziek een kippetje en speelt hij basketbal
met een deegbal. Verder lijken de ingrediënten die De Jonge
kiest niet altijd de meest logische. Desalniettemin, aan het einde
van de voorstelling is het gerecht klaar. Hij vindt zelfs een dakloze,
een rol gespeeld door Peter de Bruin, bereid om het op te eten.
In de zaal ruikt het dan al geruime tijd naar gebakken kip, een
effect waar de televisiekijkers helaas niet van hebben kunnen genieten.
Onder het koken vertelt De Jonge het publiek waar het idee van 'Leven
na de dood' vandaan komt. Tijdens een rondreis met zijn vrouw door
Nieuw-Zeeland komt hij met zeer grote honger in 'Het Hiernamaals'
terecht, een streng christelijk restaurant. Zijn vrouw heeft een
vervelende ziekte, hetgeen haar dwingt zich aan een streng dieet
te houden. De Jonge plaats de volgende bestelling:
Mijn vrouw mag geen gluten, geen lactose, geen suiker, geen scherpe
kruiden, geen zout, geen melk, geen room, vooral geen peper, en
voor mij doet het er niet toe als het maar binnen een minuut op
tafel staat.
Na lang wachten komt het eten, dat echter niet aan de gestelde
eisen voldoet. De Jonge stormt de keuken binnen, maar wordt er door
de kok, die een vreselijke verminking aan zijn gezicht heeft, onder
bedreiging van een mes weer uit verwijderd. Vervolgens spreekt De
Jonge de volgende woorden tegen zijn vrouw:
Als je honger hebt als een paard
En je hebt groente, vlees noch brood
Dan moet je weten
Er is leven, er is leven na de dood
Dit verhaal vormt slechts een klein gedeelte van de voorstelling.
Het is zoals gezegd de rode draad, de kapstok waaraan De Jonge allerlei
andere verhalen met uiteenlopende onderwerpen heeft opgehangen.
In de meeste verhalen voert de humor de boventoon. Andere verhalen
lijken een wat serieuzere inslag te hebben. Bijvoorbeeld dat waarin
hij en zijn vrienden zich bij de badhokjes op het strand bevinden.
Ze houden een wedstrijd: wie het eerst bij de branding is. De Jonge
wordt tweede. Zijn vriend die eerste wordt, verdwijnt na zijn overwinning
voorgoed in de golven van de zee. De Jonge doet er een jaar of tien
over om weer bij de badhokjes terug te keren.
Ik weet niet waar ik ben. Wel weet ik dat ik steeds verder verwijderd
raak van waar ik zou willen zijn. De toekomst is tegenwoordig dichterbij
dan het verleden, want draaien op de snelweg is er niet bij. Degene
die te lang omkijkt is al gauw een spookrijder. Je hoeft niet veel
fantasie te hebben om te vermoeden wat ons langs de vangrail, langs
de weg nog allemaal te wachten staat, aan mededelingen. Het is de
enige plek op de wereld waar de mens nog een beetje aandacht voor
de dingen heeft.
Als de dakloze aan het einde van de voorstelling de papa-razzia
aan het eten is, pakt De Jonge een emmer en en dweil en begint de
vloer van de keuken schoon te maken. Hiermee eindigt Papa-razzia,
de oudejaarsconference van 1997, overigens vijf minuten voordat
het nieuwe jaar begon.
(door Pascal Klaassen)
|
|