Freek’s Twitteravonturen #7

Langzaam word ik in de Tour gezogen, zij het sneller dan de afgelopen jaren.
Ik behoor tot de azijnpissers.Lees verder >

Lied voor de Veteranen

Van de CD Zonde:

Ga zitten mijn vrienden ik vertel een verhaal
Van wat mij laatst is overkomen
Ik was op weg naar de stad reed langs het kanaal
Waar een schip van de zee lag te dromen
Lees verder >

Freek’s Twitteravonturen #6

Weinig getwitterd de afgelopen dagen. Ik heb geen smartphone en doe het dus alleen thuis. Dan is het wel eens te laat in velerlei opzicht en twitteren is timen.

Lees verder >

Freek’s Twitteravonturen #5

Het is natuurlijk onzin om een tweet aan het overlijden van Maarten van Roozendaal te besteden

Door de 140 tekens die je mag gebruiken kom je niet verder dan het door hem zo verafschuwde cliche, een verwijzing naar een you tubeje of het citeren van red mij niet.

Lees verder >

Freek’s Twitteravonturen #4

Het mooie van Twitter is de democratisering van de mening. Dat is meteen ook het minder mooie ervan. Kort geleden maakte Bram Vermeulen, de NOS-correspondent in Turkije, ik schrik nog altijd bij het horen van zijn naam, een duidelijk onderscheid in de macht van Erdogan die groot en onaangetast was en zijn gezag dat deukjes had opgelopen.

Lees verder >

Freek’s Twitteravonturen #3

Tijdens het kijken naar de Dauphiné Liberé zag ik Chris Froome resoluut de kop over nemen om zijn trouwe knecht Richie Porte aan een etappeoverwinning te helpen. Froome reed de arme Porte meteen uit het wiel. Froome vroem vroem, twitterde ik spontaan.

Lees verder >

Freek’s Twitteravonturen #2

Toen ik net begon te twitteren volgde ik niemand. Ik vreesde een tijdverslindend ditjes en datjes bombardement en dacht bovendien het gaat niemand aan wie ik volg. Al snel werd mij duidelijk gemaakt door de twitterpolitie dat dat geen pas gaf. Ik was alleen maar geïnteresseerd in mezelf en bevestigde daarmee het beeld dat zich over mij gevormd had. En daar gaat het tegenwoordig om. Voor de vorm ging ik Arts and Letters Daily volgen. En chique filosofie, literatuur en poëziegrabbelton waar je graag mee pronkt.

Nu volg ik achttien mensen. Daar springt er een uit: Sywert van Lienden. Volgens zijn profieloverzicht is Sywert een idealist zonder illusies en oprichter van de G500, een politieke jongerenbeweging die zelf geen richting heeft maar door binnen te dringen in andere partijen probeert dingen te realiseren.

Ik ken Sywert van een interview dat we samen hadden voor de VPRO-gids. Sywert heeft inmiddels 71.377 tweets de wereld ingeslingerd. De bewapening van de rebellen in Syrië gaat hem zeer aan het hart, verder de discussie over de pensioenregeling, studentenzaken, nog veel meer en dan ook nog wat losse chatjes tussen door. Indrukwekkend. Siewert volgt 3.912 mensen en instanties. Van Yasemin Cegerek, PvdA-statenlid te Gelderland tot US senator John McCain. En Puck van Tilburg niet te vergeten. Komend algemeen bestuurder. Sywert heeft 18 433 volgers. De generatiekloof tekent zich af. Ik kan dit niet meer bijbenen. Hoe houdt Sywert dit vol?

Vanmorgen opende ik mijn account en las Sywerts laatste tweet:

‘Heeft geluid een vorm? Jazeker Hoe hoger de frequentie, hoe complexer de vorm. Mooi experiment die t zichtbaar maakt:

Las ik dat goed? Mooi experiment die? Ik had meteen mijn eerste tweet van de dag al weer klaar. Die moet dat zijn, Sywert. Het is het experiment.

Maar toen bedacht ik mij. Dat zou weer veel te pedant klinken, fluisterde de twitterpolitie die permanent meedenkt. Bovendien weet Sywert dat ook wel. Een fout maken mag.

Misschien leest hij dit stukje. Je denkt daar heeft Sywert geen tijd voor, maar waar haalt hij die vandaan om al dat andere te volgen en van commentaar te voorzien? Sywert is master of space and time. Ik volg het met open mond. Al gebied de eerlijkheid mij te zeggen dat ik niet alle links napluis en uitbeen.

Ik moet die andere 17 ook nog volgen.

YouTube Jewels #1

In deze rubriek zal ik op gezette tijden een you tubefilmpje van wat achtergrondinformatie voorzien.

Vandaag: http://www.youtube.com/watch?v=vng-3R3pPkU

Op 10 mei 2012 nam Rob Wiegman afscheid als directeur van het 10-jarige Nieuwe Luxor Theater in Rotterdam. Het programma bestond uit een aantal blokken Rotterdams Volksvermaak, Musical en Cabaret. Tot slot zouden de heren Waardenberg en De Jong er voor zorgen dat Rob Wiegman voorgoed van het toneel zou verdwijnen. Voor het cabaretblok verzorgde Brigitte Kaandorp de samenstelling.

In november 2011 had ik haar na veel moeite weten over te halen om mee te doen aan de manifestatie ‘Leve de Beschaving’ die de aandacht wilde vestiging op de stuitende cultuurafbraak die gaande was door weinig doordachte bezuinigingen.

Ik kon haar vooral overhalen door te bezweren dat mocht zij mij ooit ergens voor nodig hebben dat ik in elk geval haar eerste verzoek hoe dan ook zou honoreren. Alles in het nette natuurlijk.

Brigitte liet er geen gras over groeien nog dezelfde week kwam ze met haar vraag: of ik samen met Youp van ’t Hek ‘Vluchten kan niet meer’ wilde zingen bij het afscheid van Rob Wiegman.

Het was Robs diepste wens om ons te verzoenen, want jawel, dat niemand ontgaan, er was animositeit tussen Youp en mij. Ik had het nooit kunnen verdragen dat hij mij in populariteit voorbij gestreefd was en bleef hem af en toe hinderlijk volgen door nogal eentonig op de eentonigheid van zijn programma’s te wijzen. Youp liet het er niet bij zitten en verweet mij me te hebben ingelaten met mannen die sextelefoon-lijnen exploiteerden. Wat waar was, maar niet verboden. Enfin, ruzie in de literaire wereld, Mulisch-Reve, Mulisch- Hermans werden altijd omgeven met de glamour van intellectuele roddel, de onze heette ordinair en waar heb dat nou voor nodig.

We kwamen elkaar wel eens tegen bij een liefdadigheidsvoorstelling of een congres over Alzheimer en dan begroette Youp me altijd met een iets te nadrukkelijk uitgesproken: ‘Collega’ en kwam ik ook niet veel verder dan: ‘Hoe gaat ‘t?’, waarop Youp altijd meldde dat het hem goed ging.

Ik zei tegen Brigitte dat ik er nog even over na wilde denken. Een belachelijke uitvlucht.

En omdat uitvluchten ook niet meer kan, belde ik haar een paar dagen later: ‘Ik doe ‘t.’

Van repeteren kwam het niet. Op de dag zelf stonden we samen op het toneel met achter ons het Groot Niet Te Vermijden Orkest als begeleiders.

Op de foto van Bob Bronshoff is te zien dat ik er nogal wat werk van gemaakt heb. Zonder het aan Youp te zeggen had ik mij in jurk gehuld, de bretels zijn een verwijzing en dat ik geen borsthaar heb lijkt me ook een hint.

Het werd een gedenkwaardig optreden. De heren Visser en Heerschop waren bereid als beveiligingsmedewerker op de treden en ons ieder van een kant met lichte dwang op te brengen. Het grek aan repetitie was merkbaar maar niet hinderlijk.

Even tevoren was een nogal detonerende striptease-act opgevoerd, iets waarvan de heer Wiegman een heimelijk liefhebber was. Deze kunstenares toverde bij het uitkleden steeds opnieuw rode doekjes tot onze verbazing ergens vandaan. Tot slot, toen zij poedelnaakt voor ons stond, bleek er nog een in haar vagina te zitten.

Daarnaar verwijst het rode lint dat ik onder mijn jurk vandaan tover en dat inderhaast door Hella aan de gulp van mijn onderbroek was bevestigd.

We vielen elkaar na afloop snikkend in de armen en spraken af dat we niet het woord zullen voeren op elkaars begrafenis.

We waren er van overtuigd het hoogtepunt van de avond te zijn, maar die eer gold het eerder genoemde duo Waardenberg en De Jong die met een uiterst brutale act de heer Wiegman op de rand van een mentale instorting brachten door hem in een teiltje te zetten en dat vervolgens met betonspecie vol te storten.

De zaal was verbijsterd, de heer Wiegman ontredderd en Waardenberg en De Jong waren zich van geen kwaad bewust.